Art= ontwerp- en reclameburo, Weert
   
 

Vragen van het lid Weekers (VVD) aan de minister van Justitie over het wetvoorstel over de informatiebevoegdheid van gerechtsdeurwaarders en elektronisch te verrichten ambtshandelingen.
(Ingezonden 28 juli 2006)

1
Herinnert u zich uw antwoord op mijn schriftelijke vragen van 26 mei 20051 en uw brief aan de Kamer van juni jl.2 waarin u berichtte dat het wetsvoorstel inmiddels gereed is?

2
Is het conceptwetsvoorstel inmiddels bezien in het licht van artikel 67 van de Algemene Wet Rijksbelastingen, nu per 1 januari 2006 de gegevens van de werkgever die worden beheerd door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV), van de Belastingdienst afkomstig zijn?

3
Deelt u de overtuiging, dat de gegevens die de gerechtsdeurwaarder in het kader van de voorgestelde bevoegdheid
verkrijgt, niet geheim zijn aangezien de gerechtsdeurwaarder daar nu ook over mag beschikken? Deelt u eveneens de mening dat het argument van geheimhouding van aan de belastingdienst bekende gegevens, zoals geregeld in artikel 67 van de Algemene Wet Rijksbelastingen, om die reden niet zou opgaan?

4
Bent u bereid om, aangezien alle betrokken instellingen te kennen hebben gegeven dat de voorgestelde bevoegdheid verwezenlijkt dient te worden, alsmede gezien het feit dat in technische zin uitvoering van de uitbreiding van de informatiebevoegdheid reeds mogelijk is, er hangende het wetgevingsproces in toe te stemmen dat met het UWV een pilot wordt ingericht?

5
Zo ja, deelt u de mening, dat deze pilot gebracht kan worden onder de bestaande elektronische informatie-uitwisseling tussen gerechtsdeurwaarders en het UWV met betrekking tot uitkeringsverhoudingen, gebaseerd op artikel 475g lid 3 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering? Bent u het eens met het voornemen van het UWV, dat al eerder heeft laten weten dat zij hieraan haar medewerking wil verlenen?

1 Aanhangsel Handelingen nr. 1695, vergaderjaar 2004–2005.
2 Niet-dossierstuk nr. just060549, vergaderjaar 2005–2006.

Antwoord 

Antwoord van minister Donner (Justitie). (Ontvangen 6 september 2006), zie ook Aanhangsel Handelingen nr. 1996, vergaderjaar 2005–2006

1
Ja.

2
Ja. Voor zover het gegevens betreft die in het kader van de belastingheffing zijn verzameld is van belang dat de voorgenomen wijziging in lijn is met artikel 67 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) en de voorgestelde opzet daarvan (Kamerstukken II 2005/06, 30 322, nr. 2). Nu het gaat om verstrekking van gegevens aan gerechtsdeurwaarders die handelen als bestuursorgaan voor de uitvoering van een bij wet opgedragen taak, wordt deze
gegevensverstrekking geacht in lijn te zijn met artikel 67 AWR.

3
Nee. Op grond van artikel 475g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is een schuldenaar verplicht desgevraagd zijn bronnen van inkomsten op te geven aan de deurwaarder die gerechtigd is tegen hem beslag te leggen. De deurwaarder die gerechtigd is tot het leggen van beslag is voorts bevoegd om aan degene van wie hij vermoedt dat deze aan de schuldenaar periodiek betalingen verricht of schuldig is, te vragen of dat zo is. Deze is verplicht daarop desgevraagd schriftelijk te antwoorden. Dat betekent bijvoorbeeld dat gerechtsdeurwaarders het UWV nu kunnen vragen naar door het UWV aan de schuldenaar verstrekte uitkeringen. Voor het vragen aan het UWV naar en verstrekken door het UWV van gegevens over anderen die aan schuldenaren periodieke betalingen verrichten of schuldig zijn, zoals werkgevers, biedt dit artikel thans onvoldoende wettelijke basis. Om in die basis te voorzien, wordt een wijziging van artikel 475g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering voorbereid. In het antwoord op vraag 2 heb ik aangegeven waarom ik van mening ben dat de voorgenomen gegevensverstrekking in lijn is met artikel 67 AWR.

4
Zie het antwoord op vraag 3. Voor het inrichten van een pilot ontbreekt het juridische kader. Op dit moment ligt het conceptwetsvoorstel voor een uitvoeringstoets bij het UWV. De uitvoeringsgevolgen worden daarbij in kaart gebracht. Vooruitlopend op deze wetswijziging zal de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een wijziging van het Besluit SUWI voorbereiden. Op grond van artikel 73, vijfde lid, Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (Wet SUWI) kan bij algemene maatregel van bestuur (Besluit SUWI) worden bepaald dat het UWV aan bestuursorganen
gegevens kan verstrekken, die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van aan die bestuursorganen opgedragen taken. Zodra het Besluit SUWI is aangepast kan binnen dat kader een aanvang worden gemaakt met de gewenste gegevensverstrekking aan gerechtsdeurwaarders die gerechtigd zijn tot het leggen van beslag tegen een schuldenaar. Een wijziging van artikel 475g Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering acht ik niettemin wenselijk om duidelijkheid te
scheppen over de bevoegdheid van de gerechtsdeurwaarders om het UWV naar deze informatie te vragen en de verplichting van het UWV om hierop desgevraagd schriftelijk te antwoorden. Bovendien is aanpassing van dit artikel wenselijk om erin te voorzien dat de gerechtsdeurwaarders ook ten behoeve van deze bevraging bij de Gemeentelijke Basisadministratie het sofi-nummer van de schuldenaar op kunnen vragen.

5
Wanneer het Besluit SUWI is gewijzigd, zijn er naar mijn mening geen belemmeringen om deze gegevensverstrekking onder het bestaande systeem van elektronische informatie-uitwisseling te laten plaatsvinden. Van een voornemen
van het UWV om aan een pilot medewerking te verlenen, is mij overigens niet gebleken.